Project Big Society hangt aan zijden draadje

Big Society betekent een revolutie in welzijnsland. Dat maakte de Britse theoloog en filosoof Philip Blond gistermorgen duidelijk in de filmzaal van het Filmhuis gevestigd in het Fries Museum. ‘Publiek geld anders inzetten’, zo betoogde Blond. Blond was op uitnodiging van Bea Moed van het particuliere welzijnsbedrijf Socversity naar Leeuwarden gekomen. Moed is al tweeënhalf jaar actief in dienst van de wijken Schepenbuurt en Wielenpôlle en voert het Big Society-idee hier als een proef uit. Bewoners van de wijken zijn enthousiast; de weerstand van instanties is massief.

Bij Big Society worden de rollen omgedraaid. Niet de welzijnsinstelling en de gemeente bepalen het beleid en verdelen het geld, maar de burgers in de wijken zijn aan zet. Zij krijgen het budget om hun eigen plannen uit te voeren.

Moed had haar plannen voor de achterstandswijken Schepenbuurt en Wielenpôlle amper ontvouwd of de Leeuwarder ambtenaren zaten met de welzijnsinstellingen in de hoogste boom. Van autonome sturing kon volgens hen geen sprake zijn. Moed legde met haar Big Society de bijl aan de Leeuwarder welzijnsboom. Een conflict was geboren.

Ook gistermorgen bleek dat het nieuwe idee nog mijlenver afstaat van de heersende welzijnscultuur en opvattingen binnen het gemeentelijk apparaat. Ondanks de vele mooie woorden, zelfs van burgemeester Crone, hangt het Leeuwarder pilot-project van Bea Moed aan een zijden draadje. Op 1 maart kan de draad knappen. ‘Als er niet snel duidelijkheid komt dan stoppen we er mee’, aldus Sip de Haan voorzitter van de Schepenbuurt.

Bea Moed, Sip de Haan en ook Piet Kramer van de Wielenpôlle hebben de afgelopen tijd veel voor de kiezen gekregen. In vaak emotionele bijeenkomsten moesten zij hun project voor de helsdeuren wegslepen. Grootste tegenstanders: een deel van de PvdA-fractie, gemeenteambtenaren en de welzijnskoepel Welzijn Centraal. Dit machtsblok bewandelde allerlei wegen om de heersende structuur overeind te houden en nieuwe vormen van welzijnswerk buiten de poort te houden. Zelfs het gemeentelijke Amaryllus-welzijnsbeleid werd van het Big Society-stempel voorzien, zonder het bijbehorende verhaal te omarmen.

In de nieuwe filmzaal van het Filmhuis in het gebouw van het Fries Museum gaf Blond zijn visie op het welzijnswerk. Blond schetste het beeld van de almachtige overheid die de onderkant van de samenleving gevangen houdt. Miljoenen worden er geïnvesteerd in allerlei projecten zonder wezenlijk resultaat. Blond noemde het ‘a trap’, een val, waarin de onderkant van de samenleving vastzit. ‘De publieke diensten houden de mensen arm. Links en rechts hebben gefaald.’

Succes valt alleen te behalen wanneer er van onderop wordt gewerkt. Geef wijken een budget waarmee ze hun eigen plannen kunnen uitvoeren, zo stelde Blond. Maak een plan en waak voor een laissez faire-houding, anders gaat het alsnog mis.

Burgemeester Crone was ingenomen met het verhaal van Philip Blond. Ook Moed, De Haan en Kramer putten hoop uit het verhaal. FNP-raadslid Pier Tilma stipte het probleem aan: ‘We hebben te maken met een vierde macht. De ambtenaren zullen proberen dit plan te keren.’

++

Philip Blond geldt als één van de belangrijkste denkers van Groot-Brittannië van dit moment.

In 2010 werd zijn boek Red Tory gepubliceerd waarin Blond beschrijft hoe verzorgingsstaat en markt hebben geleid tot een kapotte samenleving. Hij pleit voor een samenleving waarin lokale gemeenschappen en sociaal ondernemerschap worden versterkt door een overheveling van mogelijkheden en middelen naar burgers.

Blond wordt beschouwd als één van de grondleggers van het concept Big Society, dat de basis vormt voor de maatschappelijke hervormingsagenda van de regering Cameron. Zijn denktank ResPublica groeide uit tot een invloedrijk adviesorgaan.

Privacy-instellingen

Externe media

Video’s, audiospelers, kaarten en donatieformulieren kunnen gegevens delen met de genoemde externe aanbieder. Ze worden standaard pas geladen nadat je daarvoor kiest.

Lees de privacyverklaring