Kunstpromotor Ed van Dijk: Ik hang geen lul op in het stadhuis

Bron: Stadsblad Liwwadders

Foto: André Keikes

Ed van Dijk
Ed van Dijk

Ook deze zomer weer prachtige verhalen opgediept uit ons archief; februari 2019

‘Ik laat zien wat mijn opdrachtgevers willen.’ Bij kunstpromotor Ed van Dijk van Art Connection is het: u vraagt en wij draaien. De subsidievrije Van Dijk doet hier niet moeilijk over. ‘Bij de selectie van kunstwerken ga ik uit van mijn ervaring en gevoel. In de galeriekelder van het Leeuwarder stadhuis hang ik geen grote lul neer.’

Al drieëndertig jaar is Ed van Dijk (70) in de weer met zijn kunstwerken en zijn commerciële hangplekken. Vorig jaar was een topjaar voor Van Dijk die maar liefst 37 exposities organiseerde op diverse locaties in Friesland, uiteenlopend van hogeschool Stenden en studiecentrum de Kanselarij tot WTC Hotel en restaurant De Grote Wielen. Van Dijk, oud-docent Nederlands aan scholengemeenschap Piter Jelles, bekijkt de kunst met commerciële ogen. Dat werd hem in het begin door de reguliere galeriehouders in Leeuwarden niet in dank afgenomen. ‘Ik pakte de zaken commercieel aan en was afhankelijk van bedrijven. De galeries in Leeuwarden – Van Hulsen, Eewal en De Roos van Tudor – vonden dat maar niks. We hadden niet echt ruzie, maar wel een stevig meningsverschil.’ Dat werd zelfs nog een paar graden erger toen Van Dijk zonder scrupules op de kunstwerken van Herman Brood dook, net nadat die vanaf het dak van het Hilton Hotel in Amsterdam was gesprongen. ‘Hij sprong op een woensdag en donderdag was ik in zijn atelier aan de Spuistraat in Amsterdam. Op de vrijdag daarna organiseerde ik een verkooptentoonstelling in de Koperen Tuin.’ De kranten waren vol verontwaardiging over deze vermeende lijkenpikkerij van de Leeuwarder handelaar. ‘Ik heb er gebruik van gemaakt, maar ik had al veel contact met Koos van Dijk, de manager van Brood. Ik kocht altijd al werk van hem, maar nu verkocht ik na zijn overlijden, tien, twintig, dertig werken in een week. En dat ging een paar weken zo door.’ Ook bij andere bekende Nederlanders die kunstwerken produceerden, zoals zangeres Thérèse Steinmetz en actrice Carry Tefsen, stak Van Dijk doelbewust zijn commerciële neus door de deur. ‘Ik heb het gewoon gedaan. Ik ben er niet vies van en het voelt niet ongemakkelijk.’ (Tekst loopt door na de afbeelding.)

Ed van Dijk (oktober 2017)
Ed van Dijk (oktober 2017)

De interesse voor de kunsthandel werd Ed van Dijk ingegeven door hotelier Frans Bonnema van het Oranje Hotel in Leeuwarden. ‘Bonnema renoveerde in 1982 zijn Pip’s Pub, de destijds roemruchte bar in de foyer van het hotel, waardoor er een gang ontstond. Die gang hebben we omgedoopt in Pips Galery. Dat is het begin geweest. Hij vroeg mij om in die gang wisselexposities te organiseren. Dat zijn er uiteindelijk gemiddeld zo’n 25 per jaar in heel Friesland geworden.’

Over de selectie van de werken en de keuze van de opdrachtgever waar de werken komen te hangen, doet Van Dijk niet al te moeilijk. ‘In het begin maakte ik scherpe keuzes, maar dat werkte niet. Nu kies ik op ervaring en gevoel. Op de twee kunstmarkten die ik in Leeuwarden op het Zaailand en de Nieuwestad organiseer ligt de lat lager, anders krijg ik niemand die wil exposeren. Maar een mevrouw die kraaltjes rijgt zal ik er niet snel toelaten. Het blijft lastig.’ Van Dijk moet het hebben van de ‘aanstormende talenten’, want de gevestigde orde – Ids Willemsma, Jerre Hakze – laat zich in zijn bestand niet zien. ‘Hoewel, Hakze gaat aan het eind van dit jaar met mij een groepstentoonstelling organiseren.’

Waar welke werken komen te hangen houdt verband met het fingerspitzengefühl van Van Dijk. ‘In een bejaardentehuis hang ik ander werk dan het het WTC Hotel.’ Confronterende situaties gaat de kunstpromotor bij voorbaat uit de weg. ‘In de stadsgalerie, de kelder onder het stadhuis van Leeuwarden, hang ik geen foto’s van Henk Bleker. Die galerie wordt beheerd door de bode, daar hang ik geen grote lul neer.’

‘Jongeren kopen geen kunst, uitzonderingen daargelaten. Ze gaan liever naar de Ikea en schaffen een groot werk aan dat past boven hun bank. Dan zijn ze voor tachtig euro klaar en, dat moet ik toegeven, het ziet er ook nog eens goed uit. Na een paar jaar doen ze het weg en kopen een nieuw werk. Nee, je moet meer dan tien jaar terug wanneer je spreekt van een goede kunsthandel. Ik mocht graag op bezoek bij Brood, of beter: zijn manager Koos van Dijk. Daarna reed ik naar Den Ilp waar Anton Heijboer woonde. Iedere keer wanneer ik daar kwam was er een belangrijke handelaar mij voor: de Bijenkorf. Ze pakten het werk, zetten er een mooie lijst om en klaar.’

Reuring in de hal van het Fries Museum

Ed van Dijk is bij toeval ook organisator van klassieke concerten. Daarvoor werd hij uitgenodigd door Saskia Bak, de toenmalige directeur van het Fries Museum. ‘Zij wilde meer reuring in de hal van het nieuwe museum. Dat zijn de concerten geworden, die nu overigens verplaatst zijn naar de Kanselarij.’ Van Dijk leverde naar eigen zeggen tientallen plannen om de hal, inclusief brasserie Thús, op te kalefateren maar liep daarbij steevast tegen een muur van onbegrip en onwil. ‘Je zou daar een schitterende ruimte van kunnen maken. Ik heb heel veel plannen en ideeën neergelegd, maar tot nu toe is het niet gelukt om ze te verwezenlijken. Op de een of andere manier blijft het hangen in de top.’

Art Connection organiseert de expositie van Ton Aartsen en dochters in De Kanselarij en in de Stadsgalerie.

Privacy-instellingen

Externe media

Video’s, audiospelers, kaarten en donatieformulieren kunnen gegevens delen met de genoemde externe aanbieder. Ze worden standaard pas geladen nadat je daarvoor kiest.

Lees de privacyverklaring