Wijkpanel de Zuidlanden: meer duidelijkheid nodig over de groenstructuur
Welke gevolgen heeft faillissement Mega Vastgoed voor dit gebied?
(Van een verslaggever)
Het initiatief van Anne Venema voor behoud en verbetering van de Hounspolder onder Goutum als weidevogelgebied is bekend. Vorige week werd het in de Leeuwarder raad door vrijwel alle fracties omhelsd – onder aanvoering van Pim Astro van Groen Links als initiator van de discussie in de raad. De dienstdoende raadsvoorzitter – zo maar ineens Lutz Jacobi (PvdA) – was uit de schroeven. Dan moet het dus snel voor elkaar kunnen komen. Hoewel…
Woensdag j.l. was er een vervolgdiscussie – nu met de wethouders Deinum (PvdA) en Van Gelder (Groen Links) sprekend er bij. Vorige keer mochten de wethouders nog niks zeggen. Zo zijn de regels.
Het wijkpanel De Zuidlanden sprak in bij de eerste bijeenkomst. Voorzitter Sint Smeding gaf steun aan het plan van Venema, maar vroeg ook om verbreding van de discussie. Smeding attendeerde onder meer op mogelijke knelpunten als gevolg van de ‘huidige grondposities’ in de Zuidlanden. Het wijkpanel wil toe naar een aparte visie voor de groenstructuur en spreekt over ‘fundamentele vragen’ ten aanzien van de ontwikkeling van de Zuidlanden, zoals de exploitatie en het mogelijk op enkele strategische plaatsen verwerven van extra grond. Het wijkpanel kijkt daarbij breder dan naar alleen de Hounspolder. Ook Venema heeft het in zijn voorstellen over: ‘het actief trachten om het meest zuidelijke perceel in de polder – als laatste, de overige percelen heeft u in eigendom – te verwerven.’
De wethouders hielden zich allebei nogal op de vlakte. De doelstellingen (optimale groenstructuren) worden volop onderschreven, maar tegelijk attenderen ze op de spanning tussen ‘rood’ (exploitatie en commercie) en ‘groen’. Zo blijft het allemaal nogal stereotiep en ongewis.
Opvallend is dat een suggestie van het CDA om op korte termijn over te gaan tot instelling van een actieve projectgroep, die zich op snellere concretisering richt, door de wethouders in feite onbeantwoord werd gelaten. Ook het pleidooi van Tuinenga (FNP) voor een actueel ‘verbeterplan’ bleef bij de wethouders hangen. Opvallend is daarnaast, dat de wethouders aan de raadsleden nauwelijks concrete informatie verstrekten over een problematisch deel van de grondposities.
Het gaat dan om nogal wat bezit waarover de curator van het failliete bedrijf Mega Vastgoed al langere tijd het bewind heeft. Nogal verbazingwekkend is de mededeling van de wethouders dat ze er niet in geslaagd zijn om contact te krijgen met de curator. Raadsleden zeggen desgevraagd zelfs de naam van de curator nog niet te hebben vernomen.
Het valt toch wat tegen als wethouders van een provinciehoofdstad als Leeuwarden er niet in slagen om met een curator verbinding te krijgen. En de raad zou geen genoegen moeten nemen met de passiviteit van beide wethouders. Waarbij uiteraard de financiële aspecten – tot nog toe onbesproken – toelichting verdienen.
We wachten af.

